Jaarcongres 2021

NVB - Ledennetwerk

De NVB-leden vormen een netwerk van havens, havenbedrijven, gemeenten, regio's, provincies, ontwikkelingsmaatschappijen en geassocieerde organisaties. Meer informatie

Havenbedrijf Moerdijk kijkt terug op jaar van duurzame groei

Een scherpe en ambitieuze bedrijfsstrategie, nieuwe klanten, uitbreidingen, tal van ontwikkelingen en de officiële start van het Logistiek Park Moerdijk (LPM): Port of Moerdijk heeft in 2021 belangrijke stappen gezet in het versterken van haar positie in de Vlaams Nederlandse Delta. Het jaar 2021 kenmerkte zich voor het havenbedrijf als een jaar van duurzame ontwikkelingen en groei in werkgelegenheid en in cijfers voor zowel de binnen- als zeevaart.

Ferdinand van den Oever, directeur van Havenbedrijf Moerdijk: “Door strategische keuzes te maken realiseren wij duurzame groei. Door bewuste keuzes te maken bouwt Havenbedrijf Moerdijk ook komende jaren door aan haar ambitie; Port of Moerdijk is hét knooppunt voor duurzame Europese toegevoegde waarde logistiek en circulaire chemie in de Vlaams Nederlandse Delta.

Lees meer over de feiten en de cijfers van 2021 van Havenbedrijf Moerdijk

 

 

Binnenhavens aan de slag met digitalisering

De Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) presenteert vandaag een set aan instrumenten die binnenhavens kunnen gaan gebruiken om op hun eigen niveau aan te haken, stappen te zetten en vaart te maken met digitalisering, specifiek op het proces van berekening en inning van havengelden.

Deze instrumenten worden aangereikt aan de leden van de NVB, omdat digitalisering en automatisering van processen in binnenhavens van essentieel belang zijn voor de realisatie van efficiënte logistieke knooppunten. Binnenhavens vervullen een spilfunctie in de transitie naar een duurzame en digitale economie. “Daarom hebben onze leden bij de ontwikkeling van de Strategische Agenda 2020 – 2025 van de vereniging het thema digitalisering ook de hoogste prioriteit gegeven”, aldus de voorzitter van de NVB, Eric Janse de Jonge.

Regierol voor de NVB

De NVB voert de regie over de ontwikkeling van de resultaten en instrumenten van de verschillende thema’s van de Strategische Agenda. “Zo’n regierol betekent dat wij, samen met verschillende leden en partners, ondersteuningsmiddelen ontwikkelen, zodat havengemeenten en havenbedrijven zelf de benodigde stappen op het gebied van digitalisering kunnen gaan zetten. Ook willen wij dat er optimaal gebruik wordt gemaakt van de kennis en ervaring die wij al in ons netwerk beschikbaar hebben”.

In de eerste fase van het thema digitalisering heeft de NVB in 2020 al richtlijnen en aandachtpunten opgeleverd voor havens die zich, relatief gezien, in het beginstadium van digitalisering bevinden. De instrumenten van vandaag zijn onderdeel van fase 2, waarbij het doel is om een collectief ontwikkelingsinstrument te ontwikkelen dat iedere haven kan gaan gebruiken om op zijn eigen niveau aan te haken en door te ontwikkelen op het gebied van digitalisering.


Dit sluit aan bij de nationale programma’s van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) met de Digitale Transport Strategie en het opzetten van een Platform Digitaal Transport. De tweede fase van het thema digitalisering is modulair opgezet. Dit biedt de mogelijkheid gefaseerd uit te voeren en geeft het NVB-bestuur en financierende partijen, zoals het ministerie van IenW, de mogelijkheid om in gezamenlijk overleg per stap besluiten te nemen.

Berekening en inning van havengelden

De vandaag gepresenteerde instrumenten zijn specifiek voor het digitaal proces van de berekening en inning van havengelden. Door de leden van de NVB aangeven als hoogste prioriteit. De programmamanagers Janneke van Gramberg (Vivaart) en Marieke Vavier (Port Solutions Rotterdam) hebben in opdracht van de NVB en samen met de leden deze instrumenten ontwikkeld.

Er is een nulmeting gemaakt van de digitaliseringbehoefte van de ondernemers in de binnenvaart. En een afsprakenstelsel opgesteld dat inzicht geeft in de eisen die gesteld worden aan de kwaliteiten en omgang van data. Daarnaast zijn er ook vijf ontwikkelniveaus ontwikkelt, waarbij de binnenhaven kan zien op welk niveau de organisatie op dit specifieke proces functioneert met daarbij een routekaart om te stappen te zetten naar een hoger niveau. Als laatste is er een havenkaart gepubliceerd waarin de binnenhavens kunnen zien aan de hand van kleuren op welk niveau ze acteren.

Eric Janse de Jonge sluit af met: “We gaan er vanuit dat de binnenhavens actief aan de slag gaan met deze instrumenten. De achterblijvers zullen wij ook aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Digitalisering is niet alleen urgent, maar is ook onvermijdelijk voor élke binnenhaven”.

 

De NVB wil doorpakken en na het opleveren van deze instrumenten actief aan de slag met de andere processen die geschikt zijn voor digitalisering. Het proces rondom bezetting van wacht- en ligplaatsen heeft de eerst volgende prioriteit om mee aan de slag te gaan.

 

 

 

Europese Commissie lanceert tweede oproep in het kader van Innovatiefonds

Het Innovatiefonds richt zich op zeer innovatieve technologieën in hernieuwbare energie, energie-intensieve industrieën, energieopslag en de afvang, het gebruik en de opslag van koolstof. Centraal staat dat de technologieën en projecten die dit fonds ondersteunt, moeten leiden tot een aanzienlijke reductie van de emissie van broeikasgassen. Het fonds loopt van 2020-2030, het budget van het fonds is afkomstig van inkomsten uit de veiling van emissierechten via het emissiehandelssysteem (ETS).

Omschrijving Innovatiefonds
Het Innovatiefonds is gericht op grote projecten met kapitaalkosten van meer dan 2,5 miljoen euro. Het fonds maakt hierbij een onderscheid tussen projecten op grote schaal (vanaf 7,5 miljoen euro kapitaalkosten) en op kleine schaal (tussen 2,5 en 7,5 miljoen euro). De nadruk ligt op zeer innovatieve projecten die kansen bieden voor een bredere toepassing en een zekere mate van volwassenheid bereikt hebben (klaar voor commercieel gebruik). Het fonds heeft speciale aandacht voor producten die koolstofintensieve producten kunnen vervangen, voor innovaties op het gebied van netto-koolstofverwijdering en voor ‘direct air capture’, het verwijderen van CO2 uit de lucht. Financiering door het Innovatiefonds wordt niet beschouwd als staatssteun.


De volgende activiteiten komen in aanmerking:

  • Activiteiten ter ondersteuning van innovatie op het gebied van koolstofarme technologieën en processen in sectoren die onder de EU-ETS-richtlijn vallen, met inbegrip van milieuveilige koolstofafvang en -gebruik (CCU) die aanzienlijk bijdraagt tot het beperken van de klimaatverandering, alsook producten ter vervanging van koolstofintensieve producten die in de betrokken sectoren worden geproduceerd(bijlage I EU-ETS-richtlijn);
  • Activiteiten die bijdragen tot het stimuleren van de bouw en exploitatie van projecten die gericht zijn op het milieuveilig afvangen en geologische opslag van CO2 (CCS);
  • Activiteiten die bijdragen tot het stimuleren van de bouw en exploitatie van innovatieve technologieën voor hernieuwbare energie en energieopslag.

 

Evaluatie

Projecten die steun uit het Innovatiefonds aanvragen, worden beoordeeld aan de hand van de volgende gunningscriteria:

  • Potentieel voor het vermijden van broeikasgasemissies
  • Mate van innovatie
  • Projectvolwassenheid
  • Schaalbaarheid
  • Kostenefficiëntie


Het volledige oproepdocument is hier te vinden en nuttige FAQ's zijn beschikbaar vanaf de eerste oproep voor grootschalige projecten.
Het is voor NVB-leden van belang om deze financieringsbron in gedachten te houden bij het overwegen van toekomstige projecten.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de helpdesk van EFIP. Dit kan door een e-mail te sturen aan Turi Fiorito, directeur van EFIP.

Binnenhavenmonitor: wat is de impact van COVID-19 op de economische betekenis in 2020?

 

De Nederlandse binnenhavens zijn knooppunten in de regionale economie. In de afgelopen jaren ging het economisch voor de wind; er was sprake van flinke groeicijfers van de gehele economie en ook de vervoerde volumes lieten een stijgend beeld te zien.

Tot in 2020 de COVID-19 crisis een kortdurende maar heftige breuk in deze opwaartse trend liet zien. De haven van Rotterdam rapporteerde een daling van 6,9% van de overslag in 2020. De haven van Amsterdam rapporteerde zelfs een 14% lagere overslag in 2020 als gevolg van corona en de energietransitie. Als belangrijke herkomst en bestemming van goederen zijn de Rotterdamse en Amsterdamse haven van groot belang voor (een deel van) de binnenhavens in Nederland. Maar naast de connectie met Rotterdam en Amsterdam zijn er ook andere mogelijke manieren waarop COVID-19 impact gehad kan hebben op de Nederlandse binnenhavens. Is er naast het effect op de overslag ook een effect op andere economische indicatoren zoals werkgelegenheid en toegevoegde waarde van de binnenhavens zelf?

Dat heeft het Erasmus Centre for Urban, Port and Transport Economics (Erasmus UPT) in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en in nauwe samenwerking met de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) onderzocht in de Binnenhavenmonitor 2021. Het CBS is betrokken als onafhankelijke dataleverancier van de directe werkgelegenheid en toegevoegde waarde.  De voorgaande versie van de Binnenhavenmonitor is opgeleverd over het jaar 2018; hoe hebben de Nederlandse binnenhavens zich sindsdien ontwikkeld?

Binnenhavenmonitor 2021: economische prestaties licht afgenomen
De Binnenhavenmonitor 2021 geeft inzicht in de toegevoegde waarde en werkgelegenheid van de binnenhavens in Nederland voor het jaar 2020. Deze monitor voor 2020 laat zien dat de directe toegevoegde waarde van de binnenhavens in Nederland een omvang heeft van 7,3 miljard euro. Als daar de indirecte toegevoegde waarde bij betrokken wordt is sprake van een totale toegevoegde waarde van 12,1 miljard euro. De directe werkgelegenheid in de Nederlandse binnenhavens is berekend op 63,3 duizend werkzame personen in 2020. Ten opzichte van 2018 is de werkgelegenheid licht afgenomen. De directe toegevoegde waarde is in deze periode met ongeveer 381 miljoen euro afgenomen tot 7,3 miljard euro; de totale directe + indirecte toegevoegde waarde is wat sterker afgenomen van 12,8 miljard euro naar 12,1 miljard euro. Er kan dan ook geconcludeerd worden dat de directe economische waarde van de Nederlandse binnenhavens als geheel licht is afgenomen in 2020.

De Binnenhavenmonitor 2021 is nu beschikbaar
Het volledige rapport Binnenhavenmonitor 2021, dat inzicht geeft in de toegevoegde waarde en werkgelegenheid van de binnenhavens in Nederland voor het jaar 2020, is nu hier te downloaden.

Ontwikkelingen en aandachtspunten methodiek
In 2020 is een aantal ontwikkelingen en aandachtspunten te zien. De uitsplitsing over de tien typen binnenhavens en de zeehavens maakt het mogelijk om verschillende typen binnenhavens te vergelijken en de bijdrage aan het totaal te onderscheiden. De grootste bijdrage wordt geleverd door de industriehavens, gevolgd door de binnenvaart in zeehavens en de zand- en grindhavens. De industriehavens hebben een werkgelegenheid van ruim 11 duizend mensen die gezamenlijk een directe toegevoegde waarde realiseren van 1,3 miljard euro. De binnenvaart in zeehavens draagt ongeveer 15% bij aan de totale toegevoegde waarde. De zand- en grindhavens hebben een werkgelegenheid van ongeveer 7,4 duizend mensen die gezamenlijk een directe toegevoegde waarde realiseren van 944 miljoen euro.

De Binnenhavenmonitor 2021 is in samenwerking met CBS opgesteld, waarbij gebruik is gemaakt van diverse bronbestanden van het CBS. Het tweede aandachtspunt is dat de typologische afbakening van de binnenhavens in Nederland en de bepaling van welke binnenhaven in welke type categorie valt door de betrokken onderzoekers, het ministerie van IenW en de NVB nog eens kritisch tegen het licht gehouden is. Deze indeling kan over tijd aan verandering onderhevig zijn en blijft daarom ook een belangrijk aandachtspunt richting de volgende monitor.

We willen alle leden die betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van het onderzoek hartelijk danken voor de medewerking!

Meer weten?
Voor meer informatie over de Binnenhavenmonitor 2021 kunt u contact opnemen met Martijn Streng van Erasmus UPT via streng@ese.eur.nl

 

Meer artikelen...

 

Go to top