Havens wijzen Commissie en EIB op belang havenprojecten bij TEN-T dagen in Riga

Ter gelegenheid van de TEN-T-dagen 2015 in Riga op 22 en 23 juni en aan de vooravond van de stemming in het Europese Parlement over het Juncker plan, hebben de European Sea Ports Organisation (ESPO) en de European Federation of Inland Ports (EFIP) een beroep gedaan op de Europese Commissie en de Europese Investeringsbank (EIB) om prioriteit te geven aan havenprojecten, bij de beoordeling van de investeringsprojecten.

Europa's zee- en binnenhavens hebben een prominente plaats in het nieuw ontwikkelde Trans-Europese vervoersnetwerk (TEN-T): ongeveer 550 havens zijn onderdeel van het TEN-T, meer dan 100 zijn erkend als kernzeehavens en er zijn bijna 80 kernbinnenhavens. Bovendien zijn zeehavens de in- en uitgang van en naar de 9 multimodale corridors. Veel binnenhavens zijn strategische multimodale knooppunten in het achterland netwerk en koppelen de binnenvaart met alle andere vervoerswijzen.

Om hun rol in het vervoer Infrastructuurplan van Europa volledig te spelen, zijn enorme investeringen nodig voor haveninfrastructuur en de infrastructuur tussen de havens en de corridors. Van de 700 projecten in het kader van de laatste TEN-T oproep, zijn er 100 vanuit de havensector ingediend.

Verschillende factoren verklaren de behoefte aan nieuwe en verbeterde transport en haveninfrastructuur:

  • International vrachtvolumes zullen naar verwachting verviervoudigen tot 2050;
  • De volumes in de havens zijn meer en meer geclusterd, als gevolg van de toenemende omvang van de schepen: dit impliceert aanpassingen van de haven en de achterlandinfrastructuur;
  • De omschakeling naar alternatieve brandstoffen verplicht havens om te investeren in een adequate infrastructuur;
  • Havens zijn belangrijke knooppunten en leveranciers van energie: het veranderende energielandschap zal enorme investeringen in en rond havens vergen;
  • Nieuwe milieuverplichtingen;
  • Het vinden van adequate financiering voor vervoersinfrastructuur wordt moeilijker in een context van nationale budgettaire beperkingen.

Op basis van de eindverslagen van de negen TEN-T corridors, is er al meer dan 40 miljard euro nodig om alleen al de infrastructurele projecten voor zeehavens te realiseren.

Het is duidelijk dat het resterende CEF-budget niet voldoende zal zijn, zeker niet nu de toekenning is verlaagd als gevolg van de overdracht aan het Juncker plan.

ESPO en EFIP zijn bezorgd dat in het Juncker plan en het Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) geen rekening wordt gehouden met de belangrijke investeringen in infrastructuur en de behoeften van de havensector. EFSI zal de prioriteiten van TEN-T, voor de financiering van de vervoersinfrastructuur en de prioritering zoals gedefinieerd in de Corridor aanpak, namelijk niet volgen.

Om deze redenen hebben ESPO en EFIP aan de Commissie, de EIB en de lidstaten gevraagd om de havens als ‘aanjagers’ van de groei te overwegen in alle economische sectoren, bij de uitvoering van het Juncker plan. Bovendien vragen ze de Commissie, het Europees Parlement en de Raad tot een verhoging van de financiële middelen bij de herziening van het meerjarig financieel kader te overwegen.

 

 

Go to top